©

Algemene instructies voor de verwerking van Aqua-lakken

Waterlakken zijn voor veel toepassingen de juiste keuze

Algemene instructies voor verwerking

Waterlakken kunnen voor veel toepassingen de juiste keuze zijn, wanneer met het volgende wordt rekening gehouden:

  • Gereedschap voor het lakken moet corrosiebestendig zijn, zones in contact met het materiaal moeten van roestvast staal zijn.
  • De grootte van het mondstuk, de verstuivermond, de materiaalleidingen en de spuittechniek moeten zijn aangepast aan lakken op waterbasis. De perslucht voor de spuittoestellen moet technisch zuivere lucht zijn.
  • Apparaten die ook worden gebruikt voor lakken op basis van oplosmiddelen moeten zorgvuldig worden gereinigd met Speciaalreiniger UN-894. Gedroogde lakresten moeten met Aqua RK-898 Reinigingsconcentraat worden opgelost.
  • De lucht- en materiaaltemperatuur, en de temperatuur van de onderdelen die moeten worden gecoat, moet bij de verwerking tussen 18 en 25 °C liggen. Bij opslag en transport van waterlakken mag de temperatuur nooit onder 5 °C zakken.
  • Het vochtgehalte in het hout moet 8 – 12 % bedragen, en de relatieve luchtvochtigheid 45 – 65 %.
  • Voor een optimale droging na het ontluchten raden wij aan om met behulp van een luchtstroom de waterdamp uit de laklaag te verwijderen. Deze methode, die met behulp van ventilatoren eenvoudig kan worden uitgevoerd, is vaak voldoende voor een korte droogtijd.
  • Waterlakken mogen enkel in de opgegeven hoeveelheid worden aangebracht, omdat bij een te dikke laag de droging aanzienlijk wordt vertraagd en daardoor oppervlaktestoringen (zwelling van het hout, verhoogde opname van stof in de laklaag, uitdrogingsscheuren, vloeistoringen) kunnen ontstaan. Aqua-lakken van Remmers hebben een hoger gehalte aan vaste stoffen dan vergelijkbare lakken op basis van oplosmiddelen, en moeten dus in een dunnere laag worden aangebracht. Hierdoor wordt aanzienlijk op materiaal bespaard.
  • Gedroogde lakresten, bijv. op de gietmond van de container, worden in waterlakken niet opgelost. Het materiaal moet steeds met een geschikte zeef worden verwerkt.
  • Het polijsten van het ruwe hout en tussen de laklagen moet fijn gebeuren. De houtmaterialen die moeten worden gecoat, moeten afhankelijk van het zwelgedrag worden gekozen. Dit geldt met name voor MDF-platen.
  • In de ontwikkeling van de Aqua-lakken van Remmers is de accentuering van de houtondergrond steeds beter geworden. Een troebel aanzicht van de natte laklaag droogt vervolgens tot een transparante laag.
  • Bij gebruik van de Aqua-verharder H-480 in waterlakken moet naast een zorgvuldige menging met een patentdisperser (art.-nr. 474701 / 474702) en eventuele verdunning met water, vooral worden gelet op de beschikbare tijd voor de verwerking. Gemengde materiaalresten mogen niet in een gesloten container uitharden.